Het 'zomerakkoord' samengevat


Maatregelen vanaf 2018

Tarief van de vennootschapsbelasting

Het basistarief in de vennootschapsbelasting daalt vanaf 2018 van 33% naar 29%, en zal vanaf 2020 gelijk zijn aan 25%.
Voor vennootschappen die kwalificeren als kmo in de zin van artikel 15 W. Venn. wordt voorzien in een tarief van 20% op  de eerste schijf van 100.000 EUR.
De crisisbijdrage die bovenop het basistarief is verschuldigd verlaagt vanaf 2018 aar 1,5% (i.p.v. 3%) en wordt vanaf 2020 uiteindelijk afgeschaft.

Minimumbelasting

  1. Minimumbelasting voor ondernemingen met een winst van meer dan 1 miljoen EUR.  
  2. Ondernemingen die meer dan 1 miljoen EUR winst genereren, moeten er rekening mee houden dat bepaalde fiscale aftrekken (korf : notionele IA, de overgedragen vorige verliezen, overgedragen DBI-aftrek en overgedragen aftrek voor innovatie-inkomsten ) boven dit bedrag niet meer volledig in aftrek kunnen worden gebracht.
    Een van de beperkingen betreft de aftrek van vorige verliezen. Maar voor starters worden de overgedragen verliezen gedurende de eerste vier boekjaren niet onderworpen aan de beperking.
    Bij kapitaalverminderingen komt een soort minimumbelasting. Voortaan zal de kapitaalvermindering ook aangerekend moeten worden (pro rata) op eventuele belaste reserves in het kapitaal, waardoor er altijd toch een belasting (roerende voorheffing) betaald zal moeten worden.
  3. Een derde vorm van minimumbelasting duikt op in de controlefase. Als de fiscus zich verplicht ziet om een belastingsupplement te vestigen, zouden ook van dat supplement geen verliezen afgetrokken mogen worden. Op het supplement moet dus voortaan altijd belasting betaald worden. De regering ziet dat als een bijkomende sanctie voor vennootschappen die hun belastbaar resultaat niet juist aangeven.
  4. Ook de sanctie voor het helemaal niet indienen van een belastingaangifte worden zwaarder. De forfaitaire minimumwinst wordt immers opgetrokken van 19.000 euro tot 40.000 euro. 

Herziening van de notionele intrestaftrek

Het regime van de notionele intrestaftrek wordt herzien. Voortaan geldt deze aftrek enkel nog voor kapitaalverhogingen ( of aangroei van eigen vermogen? ).

Bijzondere aanslag 10% - minimale vergoeding bedrijfsleider

Elke vennootschap die geen of onvoldoende bezoldiging heeft uitgekeerd aan tenminste één bedrijfsleider is voortaan onderworpen aan een bijzondere aanslag van 10% op het te weinig uitgekeerde bedrag. Deze minimum bezoldiging bedraagt € 45.000. Is de bezoldiging lager dan dit bedrag, dan moet deze minstens gelijk zijn aan het belastbaar resultaat van de vennootschap. Startende vennootschappen (opgericht binnen de vier jaar te rekenen vanaf 1 januari van het aanslagjaar) zijn weerom uitgesloten van deze bijzondere aanslag.

Meerwaarden op aandelen

Als vereenvoudigingsmaatregel, wordt het belastingtarief van 0,412% op meerwaarden op aandelen voor grote vennootschappen vanaf 2018 afgeschaft.
De meerwaarden op aandelen worden hierdoor opnieuw volledig vrijgesteld van vennootschapsbelasting, maar naar analogie met de voorwaarden voor de DBI-aftrek zal dit slechts gelden indien de participatie gedurende meer dan één jaar minstens 10% bedraagt of wanneer de aanschaffingswaarde minstens 2.500.000 EUR bedraagt.

Vooruitbetaalde kosten: fiscaal matchingprincipe conform boekhoudrecht

Het boekhoudkundig matchingprincipe wordt nu ook fiscaal toegepast.
Door een fiscaal matching principe in te voeren in de vennootschapsbelasting, zullen kosten verbonden aan activiteiten of inkomsten van het volgende boekjaar nog slechts aftrekbaar in dit volgende boekjaar.

Beperkingen voorzieningen en kosten

Om te voorkomen dat voorzieningen worden aangelegd om nadien te genieten van een lager tarief, zal worden voorzien dat de terugname van deze voorzieningen wordt belast aan het nominale tarief dat van toepassing was op het moment van aanleg van de voorziening.

Taxatie herbeleggingsmeerwaarden

Ook voor de herbeleggingsmeerwaarden wordt het anticiperen op een tariefverlaging onder het stelsel van de gespreide taxatie ontmoedigd. De herbeleggingsmeerwaarden die worden belast omdat ze niet worden herbelegd binnen de wettelijk voorziene voorwaarden en termijn of de meerwaarden die spontaan belastbaar worden gesteld vóór het verstrijken van de herbeleggingstermijn, worden voortaan belast aan het tarief dat van toepassing was op het moment dat de meerwaarden verwezenlijkt werden.
Bovendien zijn in geval van spontane belastbaarstelling voortaan ook nalatigheidsintresten van toepassing.

Eenmalige investeringsaftrek tijdelijk 20%

De eenmalige investeringsaftrek wordt enkel voor 2018 opgetrokken van 8% naar 20% voor kmo’s en eenmanszaken.
 

Maatregelen vanaf 2020

DIVERSE

  • Tariefdaling in de vennootschapsbelasting naar 25%
  • De aanslag geheime commissielonen zal niet meer aftrekbaar zijn.
  • De regering wil een systeem van fiscale consolidatie invoeren. Hierdoor worden verschillende entiteiten van eenzelfde vennootschapsgroep voor de vennootschapsbelasting samengevoegd tot één belastbare entiteit;
  • Taks shelter voor audiovisuele werken en podiumkunsten wordt conform nieuw tarief aangepast zodat hetzelfde rendement kan worden gegarandeerd;
  • Tijdelijke maatregel gedurende twee jaar; vrijgestelde reserves omzetten in gewone belaste reserves aan een verlaagd tarief van 15%, dat onder bepaalde voorwaarden kan dalen naar 10%;
  • Enkel “definitieve verliezen” van buitenlandse vaste inrichtingen zullen nog slechts aftrekbaar zijn wanneer vaststaat dat de belastingplichtige alle mogelijkheden in het buitenland heeft uitgeput om de verliezen daar in aftrek te brengen. Bovendien moet de vaste inrichtingsproblematiek een meer economische invulling krijgen.
  • Het regime van degressieve afschrijven wordt afgeschaft.
  • Kmo’s worden verplicht om pro rata temporis af te schrijven.
  • Aftrekbeperking van bijzondere uitgaven: een aantal kosten moeten in de toekomst volledig in verworpen uitgaven van de vennootschap worden opgenomen, zoals niet aftrekbare boetes en niet-aftrekbare belastingen en geheime commissielonen. Het systeem van de aftrek van autokosten ondergaat een facelift met gewijzigde parameters voor de aftrekbaarheid en een maximum van 100%.

Collectieve winstpremie

  • De invoering van een collectieve winstpremie laat bedrijven toe om hun werknemers te laten delen in de winst:
  • zonder verplichting voor de werkgever
  • zonder participatie in het kapitaal
  • Toegankelijk voor alle werknemers binnen een onderneming (maar niet voor bedrijfsleiders)
  • premie komt niet in aanmerking voor de berekening van de loonnorm
  • Geen enkele verschuiving zal worden toegestaan ten nadele van de toegekende klassieke bezoldigingen.
  • premie mag niet hoger zijn 30% van de loonmassa
  • Inwerkingtreding is voorzien op 1 januari 2018

Pensioensparen

Een keuzestelsel wordt ingevoerd pensioensparen

  • of het huidige stelsel: 30% belastingvermindering op 940 EUR 
  • of een nieuw stelsel: 25% belastingvermindering op 1.200 EUR.

 Belastingvrij bijklussen

  • Tot 500 EUR per maand kan worden bijverdiend, vrij van belasting en sociale bijdragen. Werknemers en zelfstandigen die reeds een hoofdjob hebben moeten wel minstens een 4/5 tewerkstelling hebben. De tewerkstellingsvoorwaarde geldt niet voor de deeleconomie. Gepensioneerden mogen ook bijverdienen binnen de huidige grenzen van de toegelaten cumulatie.
  • De bijklusactiviteiten zijn beperkt tot zogenaamd ‘vrijetijdswerk’ in specifieke functies in de non-profitsector, zoals inkomsten uit sportactiviteiten, Airbnb, babysitten, gras afmaaien, e.a.