Fiscale vrijstelling voor COVID-19-vergoedingen

Een nieuwe wet voorziet een vrijstelling van inkomstenbelasting voor vergoedingen die werden toegekend door de verschillende overheidsinstanties in het kader van COVID-19 (BS 11 juni 2020). Met deze fiscale vrijstelling willen de overheden belastingplichtigen die het slachtoffer zijn van de economische gevolgen van de pandemie een hart onder de riem steken.

Zowel fysieke als rechtspersonen kunnen in aanmerking komen voor deze vrijstelling als:

  • De vergoeding geen (on)rechtstreekse vergoeding is in ruil voor de levering van goederen of prestatie van diensten
  • De regelgeving op basis waarvan de vergoeding toegekend is, uitdrukkelijk bepaalt dat deze vergoeding toegekend is met als doel om het hoofd te bieden aan de (on)rechtstreekse economische of sociale gevolgen van de COVID-19-pandemie
  • De vergoeding betaald of toegewezen is tussen 15 maart 2020 en 31 december 2020

En nu concreet

  1. Tijdens de eerste maand van tijdelijke werkloosheid als gevolg van de coronacrisis kende het Vlaams Gewest een forfaitaire vergoeding toe van 202.68 euro om elektriciteits-, verwarmings- en waterkosten te dekken. Dit bedrag wordt dus niet belast.
  2. De Vlaamse premie van 4 000 euro voor ondernemingen wordt ook vrijgesteld van belastingen.
  3. Als laatste besliste men om elke vorm van regionale financiële steun vrij te stellen van belastinginkomsten.

Hoe gaat het in zijn werk

Als je als begunstigde een vennootschap bent, zul je hoogstwaarschijnlijk je vergoedingen boeken op de resultatenrekening in het belastbaar tijdperk waarin ze ontvangen werden. Hun vrijstelling vindt plaats door een toename van de startsituatie van de reserves
Ben je een fysiek persoon ondernemer? Dan moet je de vrijgestelde sommen niet opnemen in je PB- noch BNP- IP- aangifte. De vergoeding moet echter wel vermeld worden in het aanslagbiljet voor aanslagjaar 2021.